Ga naar de inhoud van deze pagina.
Voortgangsrapportage 2026-II Raad

Stand van zaken

In dit hoofdstuk geven we een samenvatting van de financiële prognose 2026 op basis van de gegevens die we presenteren in de programma’s. Vervolgens geven we een toelichting op de grootste beleidsmatige ontwikkelingen en een toelichting bij de belangrijkste financiële afwijkingen ten opzichte van de begroting.

Verwacht resultaat 2026

Op een begroting van 1,5 miljard euro verwachten we een plus van 39,9 miljoen euro brutoresultaat. In de eerste voortgangsrapportage gingen we nog uit van een plus 26,8 miljoen euro bruto.

Hoewel er sprake is van een positief resultaat, is tegelijkertijd een aflopende trend zichtbaar in de omvang van de (besteedbare) resultaten. Deze ontwikkeling past binnen het meerjarenbeeld van de gemeentelijke financiën, waarin de financiële ruimte geleidelijk afneemt en beschikbare middelen steeds meer worden ingezet voor de uitvoering van maatschappelijke en gemeentelijke opgaven. Tegelijkertijd wordt in de uitvoering van deze opgaven steeds duidelijker dat de beschikbare capaciteit in de samenleving een bepalende factor is voor het tempo waarmee resultaten kunnen worden gerealiseerd. Zowel binnen als buiten de gemeentelijke organisatie bestaan knelpunten op het gebied van personele inzet, uitvoeringskracht en marktomstandigheden. Hierdoor schuiven activiteiten en investeringen in een aantal gevallen op in de tijd.

Deze situatie doet zich breed voor en raakt niet alleen gemeentelijke projecten, maar ook trajecten die in samenwerking met andere organisaties, instellingen en marktpartijen worden uitgevoerd. Door de gewijzigde planning wordt een deel van de beschikbare budgetten naar verwachting later ingezet dan vooraf was voorzien. Daarnaast hebben loonontwikkelingen en cao-gerelateerde prijsstijgingen geleid tot hogere kosten voor externe inhuur. Vanuit zowel financieel als organisatorisch perspectief heeft het de voorkeur om structurele werkzaamheden met eigen medewerkers uit te voeren. De krapte op de arbeidsmarkt beperkt echter de mogelijkheden om vacatures tijdig in te vullen. Hierdoor blijft de personele bezetting achter bij de gewenste formatie en zijn de effecten zichtbaar in de voortgang en budgetuitputting van diverse projecten en programma's.


Grootste afwijkingen

Het verwachte besteedbare resultaat voor 2026 bedraagt, na verwerking van de met uw raad afgesproken bestemmingen en de middelen die beschikbaar worden gesteld voor de begroting 2027, naar huidige inzichten een plus van 17,2 miljoen euro.

De grootste positieve afwijkingen doen zich voor bij Treasury (7,9 miljoen euro), Flexwonen (4,3 miljoen euro), het Parkeerbedrijf (4,3 miljoen euro), het Programma Nieuwkomers (4,2 miljoen euro), de OZB-opbrengsten (3,4 miljoen euro) en de BUIG (2,6 miljoen euro).
Het voordeel op Treasury wordt voornamelijk veroorzaakt door een lagere financieringsbehoefte dan geraamd, waardoor minder externe financiering nodig is en rentelasten lager uitvallen.
Bij Flexwonen ontstaat een voordeel doordat de realisatie van de tijdelijke woningen doorloopt naar 2027, waardoor een groot deel van het beschikbare budget dit jaar niet wordt besteed. Het positieve resultaat bij het Parkeerbedrijf wordt grotendeels veroorzaakt door hogere parkeeropbrengsten, hogere inkomsten uit laadvoorzieningen en lagere lasten binnen enkele projecten. Binnen het Programma Nieuwkomers ontstaat een voordeel doordat de kosten voor opvangplekken lager uitvallen. De hogere OZB-opbrengsten zijn voornamelijk het gevolg van aanvullende belastingopbrengsten uit objecten waarvan de waardering bij het opstellen van de begroting nog niet volledig beschikbaar was. Het voordeel van de BUIG is het gevolg van lagere bijstandsuitgaven door een gunstigere ontwikkeling van het aantal uitkeringen en een lager aandeel van Groningen in de landelijke bijstandslasten dan vooraf geraamd. Daarnaast laat het Regiofonds Groningen-Assen een voordeel zien van 1,1 miljoen euro.
Tegenover deze voordelen staan enkele nadelige afwijkingen. Het Gemeentefonds laat een negatief resultaat zien van 11,6 miljoen euro. De septembercirculaire 2026 leidt ten opzichte van de meicirculaire tot een nadelige bijstelling van het gemeentefonds. Deze wordt met name veroorzaakt door de actualisatie van verdeelmaatstaven en een lagere verwachte ruimte onder het plafond van het BTW compensatiefonds. Voor de bouwleges wordt voorzichtigheidshalve uitgegaan van 2,0 miljoen euro lagere opbrengsten dan begroot. Op basis van de gerealiseerde inkomsten tot en met augustus en vertragingen in enkele grotere bouwprojecten is de verwachting dat een deel van de legesopbrengsten naar latere jaren doorschuift.


Afwijkingen in relatie tot de begroting 2027

Enkele van de ontwikkelingen die in deze rapportage naar voren komen, kunnen gevolgen hebben voor het meerjarig financieel perspectief van de gemeente. Bij de verdere uitwerking van de begroting 2027 worden deze ontwikkelingen daarom betrokken bij de actualisatie van de meerjarige ramingen.


Financiële situatie op langere termijn

Hoewel voor 2026 een positief resultaat wordt verwacht, geeft dit geen volledig beeld van de financiële positie van de gemeente op de langere termijn. Net als bij de jaarrekening over voorgaande jaren wordt een belangrijk deel van het saldo veroorzaakt door incidentele ontwikkelingen. Vanaf 2028 blijft sprake van een structurele financieringsopgave, terwijl de begrotingen voor 2026 en 2027 alleen met tijdelijke maatregelen en incidentele middelen sluitend zijn.

De financiële druk op gemeenten blijft onverminderd groot. Tegelijkertijd nemen de maatschappelijke opgaven toe en staan verschillende wettelijke taken, waaronder de jeugdzorg, onder druk doordat de beschikbare middelen niet altijd in verhouding staan tot de kosten van uitvoering. Ook de ontwikkelingen rond de rijksfinanciering en het gemeentefonds zorgen voor onzekerheid over de structurele financiële ruimte. Tegen deze achtergrond blijft het noodzakelijk om scherp te sturen op de financiële houdbaarheid van de gemeentelijke begroting en de keuzes die daaruit voortvloeien.

Prognose resultaat 2026 voor bestemming per programma
Onderstaande tabel en grafiek daaronder laat per programma het resultaat voor bestemming zien.

Programma (bedragen x € 1.000)

prognose resultaat

01 Programma Economie en Ruimte

                 22.206

01.1 Economie en werkgelegenheid

6.461

01.2 Mobiliteit

5.295

01.3 Wonen

                 10.450

02 Leefomgeving en Veiligheid

-40

02.1 Kwaliteit van de leefomgeving

-890

02.2 Veiligheid

850

03 Vitaal en Sociaal

                 11.268

03.1 Werk en inkomen

7.571

03.2 Onderwijs

934

03.3 Welzijn, gezondheid en zorg

1.926

03.4 Sport en bewegen

1.788

03.5 Cultuur

-951

04 Dienstverlening en bestuur

6.521

04.1 Dienstverlening

597

04.2 College, raad, wijkvernieuwing

5.570

04.3 Algemene inkomsten en post onvoorzien

-591

04.4 Overhead en ondsteuning organisatie

945

Eindtotaal

                 39.955


Beïnvloedbaarheid resultaat
In overeenstemming met het kader voor resultaatbepaling en resultaatbestemming worden resultaten van meerjarige projecten geboekt naar de algemene bestemmingsreserve. Daarnaast is in de financiële verordening 2024 vastgelegd dat we resultaten op samenwerkingsverbanden en middelen gemeentefonds bij de decembercirculaire bij de jaarrekening aan de reserve budgetoverheveling mogen toevoegen. Deze resultaten zijn daarom in onze prognose op nul gesteld.


Besteedbaar resultaat
Het resultaat wordt onderverdeeld in een zestal resultaat categorieën. Per categorie gelden regels voor de besteedbaarheid hiervan. Dit is vastgelegd in het kader voor resultaatbepaling en resultaat bestemming .

Resultaatcategorie
(bedragen x 1.000 euro)

Stand van VGR2

Besteedbaar

Niet besteedbaar

Bijzonder resultaat

          11.924

                -

11.924

Inc. midd Gemeentefonds

            9.078

                -

9.078

Intensiveringen

            1.686

                -

1.686

Reguliere resultaten

          17.267

        17.267

-

Totaal resultaat

39.955

17.267

22.688

Om u een compleet beeld te geven welke bedragen er voor de meerjarige projecten in de Algemene Bestemmingsreserve worden geboekt en welke bedragen er voor de samenwerkingsverbanden naar de reserve budgetoverheveling worden geboekt, ziet u hieronder een tabel met de resultaten. De bedragen zijn x 1.000 euro.

Meerjarig project

Verwacht resultaat

Meerjarenproject SBR

             -115

Totaal resultaat

-115

Samenwerkingsverbanden

Verwacht resultaat

Akkoord van Groningen

               200

Maatschappelijk Opvang

            1.274

Nij Begun

          30.465

Werk in Zicht

               500

Totaal resultaat

32.439

Hieronder ziet u in diverse tabellen hoe de niet besteedbare resultaten tot stand zijn gekomen. De bedragen zijn x 1.000
euro.

Onzekerheden in de prognose

Cybercrime
Cybercrime vormt een groeiend risico voor gemeenten vanwege hun rol als beheerders van persoonsgegevens en vitale infrastructuur. Gemeenten zijn aantrekkelijke doelwitten voor cybercriminelen, zoals hackers en ransomwaregroepen, die uit zijn op data of losgeld of het ontwrichten van de samenleving. Een succesvolle aanval kan leiden tot ernstige verstoring van de dienstverlening, zoals het niet kunnen uitgeven van paspoorten of bijstandsuitkeringen dan wel de uitval van kritische voorzieningen. Preventie, detectie en snelle respons zijn essentieel om schade te beperken. Alle medewerkers moeten een digitaal rijbewijs halen en bijhouden. Hiermee wordt kennis over databeveiliging in de organisatie op peil gehouden. Daarnaast worden er continue aanvullende maatregelen getroffen om onze beveiliging zo goed mogelijk op orde houden. Het inschatten van bedragen en kansen is onmogelijk omdat we niet weten wat zich in welke omvang wanneer voor gaat doen.


Onderhoud Kardinge

Per 1 januari 2026 zijn de directies Sport050 en Vastgoedbedrijf overeengekomen dat voor een groot deel van de panden de interne eigendomsverantwoordelijkheid wordt overgedragen van Sport050 aan het Vastgoedbedrijf (VGB). Via een demarcatie wijziging zijn van een groot aantal sportpanden in de 1e fase werkzaamheden en budgetten gesplitst. Het is voor de middellange termijn nog niet exact inzichtelijk wat voor financiële consequenties dit heeft voor het niet planmatig onderhoud Sport050 qua uitnutting ten opzichte van het aangepaste budget mede door de gewijzigde systematiek van onderhoudsboekingen in SAP. In overeenstemming met de informatie zoals met de raad is gedeeld staat er eind 2027 een evaluatie van deze nieuwe werkwijze gepland en dan is er ook duidelijkheid over eventueel benodigde aanvullende middelen.


SPUK stimulering sport 2026 (btw)

Over 2025 is verantwoording via SiSa bijlage afgelegd over de te ontvangen SPUK Sport Rijksbijdrage. Het landelijke plafond op deze uitkering, een generieke korting ad 10% op het budget en uitstel van integreren van deze uitkering in het gemeentefonds (geen accres) maken de schatting van de hoogte van de te ontvangen uitkering onzeker.

Daarnaast heeft de gemeente nog een claim over 2024 (6 mei 2025) en 2025 (19 augustus 2026) ingediend vanwege een nadeel op de compensatie voor het concernmengpercentage maar nog steeds geen (officiële) reactie ontvangen. Bij toekenning geeft dit een positief effect (claim 2024 99 duizend euro en 2025 74 duizend euro) op het resultaat.


Stijging brandstofkosten

De brandstofkosten zijn in de afgelopen maanden gestegen door de onrust in de olieproducerende regio’s. We zien al dat aannemers brandstoftoeslagen in rekening brengen en/of dit hebben aangekondigd. In sommige gevallen kunnen wij de extra kosten doorberekenen naar onze klanten, maar in andere gevallen zal dit niet het geval zijn.


Voorziening pensioenen
APPA
Voor de dekking van pensioenlasten van voormalig politieke ambtsdragers hebben wij voorzieningen getroffen. De hoogte van de pensioenvoorziening kan pas worden geactualiseerd na het verschijnen van de decembercirculaire, op basis van de op dat moment geldende rentestand. Pas bij de jaarrekening zal duidelijk worden wat het financiële effect hiervan is. Vanaf 2028 wordt het kapitaal overgedragen aan het ABP pensioenfonds en is deze onzekerheid over mogelijke extra dotaties niet meer aan de orde.


Verlofuren

In december 2025 heeft de Commissie BBV een definitief advies met wijzigingsvoorstellen voor het BBV (‘verwonderpunten’) aan het ministerie van Binnenlandse Zaken aangeboden. Hiermee wil de commissie een bijdrage leveren aan vereenvoudiging van het BBV en meer toegankelijke informatie in de begroting en jaarstukken.

Eén belangrijke wijzigingsvoorstel betreft het treffen van een voorziening op de gemeentelijke balans voor alle jaar overstijgende verlofsaldi. Het aantal verlofuren, ultimo 2025, welke nog niet gewaardeerd zijn op de balans, zijn 494.579 uren. Wanneer deze uren in één keer gewaardeerd moeten worden op de balans tegen het gemiddelde uurtarief (ca. 50 euro voor gemeenteambtenaren en 28 euro voor SW-personeel) dan vormt dit een incidentele last van circa 25 miljoen euro.
Binnen de voorgestelde overgangstermijn van 4 jaren dienen wij deze last te nemen. Hier wordt op dit moment geen rekening mee gehouden in de prognose omdat er nog geen landelijke besluitvorming over heeft plaatsgevonden.