Financiële toelichting
Deelprogramma 3.1 Werk en inkomen Beleidsveld |
Primitieve begroting 2024 |
Actuele begroting 2024 |
Prognose VGR 24-2 |
Verwachte afwijking VGR 2024 |
Lasten |
||||
03.1.1 Werk en activering |
79.591 |
87.596 |
87.812 |
-216 |
03.1.2 Inkomen en armoedeverlichting |
217.650 |
220.830 |
222.498 |
-1.667 |
Totaal lasten |
297.241 |
308.427 |
310.310 |
-1.883 |
Baten |
||||
03.1.1 Werk en activering |
19.291 |
20.943 |
20.960 |
17 |
03.1.2 Inkomen en armoedeverlichting |
170.184 |
171.022 |
182.032 |
11.010 |
Totaal baten |
189.475 |
191.965 |
202.992 |
11.027 |
Reserve mutaties |
||||
Totaal toevoegingen |
0 |
0 |
0 |
0 |
Totaal onttrekkingen |
5.535 |
5.535 |
5.535 |
0 |
Totaal deelprogramma 3.1 |
-102.231 |
-110.927 |
-101.783 |
9.143 |
Toelichting van het verschil tussen de actuele begroting 2024 en de prognose 2024 (alleen bij verschillen in baten en lasten > 500 duizend euro).
Is de totale afwijking op het deelprogramma niveau > 500 duizend euro, dan worden de afwijkingen op beleidsveldniveau die hieraan ten grondslag liggen toegelicht. Het kan dus zijn dat de onderliggende afwijkingen per beleidsveld lager zijn dan 500 duizend euro, maar per deelprogramma optellen tot > 500 duizend euro.
03.1.1 Werk en activering |
Lasten |
Baten |
Sociale werkvoorziening |
-22 |
562 |
Op de Sociale Werkvoorziening (SW) verwachten we een voordeel van 540 duizend euro. Dit is als volgt opgebouwd:
Loonkosten SW en Nieuw Beschut (N 265 duizend euro) We hebben per saldo een voordeel van 52 duizend euro op loonkosten SW. Enerzijds hebben we een voordeel van 751 duizend euro door een lager aantal fte's en doordat de RVU minder wordt gebruikt. Anderzijds hebben we een nadeel van 699 duizend euro door de loonstijging van 2,25% per 1 juli. Daarnaast hebben we op loonkosten Nieuw Beschut een nadeel van 119 duizend euro, met name doordat we minder ziektegelden ontvangen dan begroot (nadeel 103 duizend euro). Verder hebben we op de overige loonkosten SW en Nieuw Beschut 198 duizend euro nadeel, hoofdzakelijk door de CAO aanpassing van de reiskostenvergoedingen.
Omzet en materiaalkosten SW (N 218 duizend euro) We hebben 148 duizend euro minder omzet uit detachering doordat de uitstroom hoger is dan verwacht. Daarnaast hebben we een nadeel van 70 duizend euro op iederz. Weliswaar is de omzet iederz 585 duizend euro hoger dan begroot, met name door een grote nieuwe klant, maar daar tegenover staan ook hogere kosten voor inkoop en materialen (nadeel 655 duizend euro).
Extra budget infrastructuur sociale ontwikkelbedrijven (V 847 duizend euro) Via de meicirculaire 2024 hebben we 997 duizend euro ontvangen ten behoeve van de transitie van het sociaal ontwikkelbedrijf naar de toekomst. De middelen zijn mede bedoeld ter compensatie van de relatief lage omzet, de verzwaring van de doelgroep en de loonstijging door de in 2023 afgesloten CAO. Van deze middelen zetten we 150 duizend euro in om de basis van het instroomportaal op orde te brengen en zetten we 847 duizend euro in voor dekking van tekorten SW.
Overig (V 176 duizend euro) Overige verschillen tellen op tot een voordeel van 176 duizend euro. |
|
|
Werk- en ontwikkelprogramma |
64 |
|
Het totale budget 2024 voor het werk- & ontwikkelprogramma is 2,5 miljoen euro. We zetten hiervan naar verwachting 2,4 miljoen euro in. Dit geeft een voordeel van 64 duizend euro. |
|
|
Loonkostensubsidie |
-284 |
|
De inzet van loonkostensubsidie (LKS) in de gemeente Groningen groeit sneller dan landelijk. Dit komt onder andere door de groei van het aantal afspraakbanen, hogere realisatie van het aantal Nieuw Beschut werkplekken, realisatie van de basisbanen, maar ook door de pilot brede inzet LKS. Hiervoor hebben we een risico opgenomen. Als gevolg van de financieringssystematiek van het rijk leidt deze groei van het uitgavenaandeel pas met 1 jaar vertraging tot een verhoging van het aandeel in het landelijke budget. Wij verwachten daardoor in 2024 een tekort op de LKS van 284 duizend euro. |
|
|
Basisbanen |
35 |
-545 |
Op basisbanen verwachten wij een nadeel van 510 duizend euro. Dit komt met name doordat bijdragen van externe partijen tot nu toe uitblijven (nadeel 361 duizend euro). Daarnaast zijn de uitvoeringskosten 234 duizend euro hoger dan begroot, onder meer door kosten overhead SSC die we niet hadden begroot en doordat we eerder dan verwacht een extra begeleider hebben aangetrokken. We hebben een voordeel van 60 duizend euro door de ontvangst van de SPUK Kansrijke WIJK in 2024. Overige verschillen tellen op tot een voordeel van 25 duizend euro. |
|
|
Overig |
|
|
Overige verschillen tellen op tot een nadeel van 9 duizend euro. |
-9 |
|
03.1.2 Inkomen en armoedeverlichting |
Lasten |
Baten |
BUIG |
-2.348 |
10.522 |
Bij de publicatie van het voorlopig budget BUIG 2024 in oktober 2023 bleek het budgetaandeel voor 2024 hoger dan verwacht. Het verwachte nadelige saldo op de BUIG 2024 verbeterde hierdoor met 4,0 miljoen euro. Bij VGR-I meldden we daarnaast een voordeel van 467 duizend euro op de lasten. Per saldo leverde dit bij VGR-I een verbetering op van het BUIG-resultaat van 6,3 miljoen euro nadelig naar 1,8 miljoen euro nadelig. Recent is het definitieve macrobudget BUIG 2024 gepubliceerd. Op basis van ons aandeel in dit budget is berekend dat het definitieve budget voor Groningen 9,6 miljoen euro hoger is dan het voorlopige budget 2024. Wij verwachten dat onze uitgaven, door een toename van het aantal uitkeringen, ten opzichte van de prognose VGR-I met 3,9 miljoen euro stijgen. De stijging van de uitgaven is minder sterk dan de stijging van het BUIG-budget. Het lijkt erop dat het macrobudget 2024 beduidend hoger zal liggen dan de uitgaven van alle gemeenten tezamen. Per saldo verwachten wij dat het BUIG-resultaat ten opzichte van VGR-I met 5,7 miljoen euro verbetert van 1,8 miljoen euro nadelig naar 3,9 miljoen euro voordelig. Ten opzichte van de begroting is het voordeel 8,2 miljoen euro, omdat in de begroting de stand van het nader voorlopig budget (mei 2024) is verwerkt. |
|
|
Bijzondere bijstand |
-956 |
358 |
Op basis van de taakstelling vanuit het COA (gelijk aan het jaar 2023) verwachten we 470 duizend euro hogere lasten voor kredietverlening statushouders. Hier staan hogere opbrengsten tegenover vanuit de terugbetalingsverplichting bij deze regeling (358 duizend euro). Op de aanvullende bijstand voor jongeren onder 21 jaar voorzien we een nadeel van 245 duizend euro, met name door stijging van het aantal jonge asielzoekers. Verder verwachten we een nadeel van 200 duizend euro als gevolg van de uitspraak van de rechter inzake Beschermingsbewind. Dit nadeel betreft de kosten van een aantal bezwaar- en beroepszaken, bestaande uit vergoedingen met terugwerkende kracht en reguliere verstrekkingen met ingang van 2024. Ten slotte verwachten we ook op andere onderdelen van de Bijzondere bijstand een toename van lasten (41 duizend euro). |
|
|
Studietoeslag |
-419 |
|
In lijn met 2023 verwachten wij ook in 2024 een sterke toename van het aantal verstrekkingen van studietoeslag. In de begroting 2024 is hiervoor 0,7 miljoen euro extra beschikbaar gesteld vanuit het resultaat op de middelen energietoeslag studenten 2023. Het budget studietoeslag 2024 bedraagt hierdoor 1,458 miljoen euro. Omdat wij verwachten 1,877 miljoen euro uit te geven voorzien wij een nadeel van 419 duizend euro. |
|
|
Schuldhulpverlening |
1.710 |
|
Momenteel werken wij aan uitvoering van het Beleidsplan Schuldhulpverlening (SHV) en het plan Brede aanpak armoede en schulden. In 2024 is hiervoor een budget beschikbaar van 2,6 miljoen euro. Dit betreft 1,464 miljoen euro vanuit het bestemmingsvoorstel 2023 en 1,137 miljoen euro vanuit de septembercirculaire 2023 (middelen voor Bijzondere Bijstand en vroegsignalering). Conform het uitvoeringsplan Schuldhulpverlening 2024-2028 houden we voor 2024 rekening met inzet van 890 duizend euro. We verwachten 1,71 miljoen euro in te zetten in 2025. Dit betreft incidentele middelen met een bestedingstermijn van 2 jaar. |
|
|
Overig |
345 |
130 |
Overige verschillen tellen op tot een voordeel van 475 duizend euro. |
|
|